Bevestig spuitmondje #12 aan de spuitzak.
Verwarm de oven voor op 190 graden (heteluchtoven).
Doe 50 milliliter melk, 50 milliliter water, een snufje keukenzout en 50 gram roomboter in een steelpan.
Breng het mengsel langzaam aan de kook tot de boter volledig gesmolten is.
Haal de pan van het vuur af en voeg 50 gram patentbloem toe.
Meng het mengsel door tot alle bloem is opgenomen.
Zet de pan terug op een middelhoog vuur en blijf roeren tot het een bal vormt.
Blijf 1 Ã 2 minuten roeren en schep het deeg daarna over in een koude kom.
Laat het deeg 5 minuten afkoelen.
Bekleed ondertussen een bakplaat met bakpapier en roer het deeg door.
Klop 2 eieren los en voeg â
Roer het deeg door, totdat het ei volledig is opgenomen.
Voeg nog een deel van het ei toe en roer tot het weer volledig is opgenomen.
Controleer of het deeg spuitbaar is. Tip! Het deeg is goed wanneer het deeg langzaam van je spatel glijdt. Als het nog te dik is, voeg je nog een klein beetje ei toe.
Schep het deeg in de spuitzak en spuit 12 gelijke dotjes op de bakplaat.
Duw de puntjes van het deeg met een natte vinger naar beneden.
Bak de soezen in 20 Ã 25 minuten goudbruin en gaar.
Doe de oven uit en zet de ovendeur op een kier.
Laat de soezen afkoelen in de oven.
Klop 250 milliliter slagroom met de vanillesuiker stijf.
Doe de slagroom in een spuitzak en leg dit in de koeling.
Doe 150 gram pure chocolade callets in een kom.
Verwarm 150 milliliter slagroom in een steelpannetje tot het kookt.
Giet de warme slagroom over de callets heen, totdat alle callets zijn gesmolten.
Roer 15 gram boter door het chocolademengsel heen tot de boter volledig is gesmolten.
Maak een klein gaatje met een mesje in de onderkant van de soezen.
Knip een klein puntje van de spuitzak met slagroom af en vul de soezen tot ze vol zijn.
Dip de soezen tot halverwege in de ganache en laat de overtollige ganache afdruipen.
Zet de soezen met de chocoladekant naar boven op het bakpapier.
Zet de soezen en de overgebleven ganache in de koelkast.
Smelt de witte chocolade kort in de magnetron.
Roer door, totdat deze gesmolten is.
Doe de gesmolten witte chocolade in een spuitzakje en knip een klein puntje van de spuitzak af.
Spuit dunne sliertjes over de soezen heen.
Strooi direct 15 gram feuilletine eroverheen.
Zet de soezen terug in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 180 graden (heteluchtoven).
Leg de rol bladerdeeg op een bakplaat en snijd deze over de breedte in 2 gelijke delen.
Prik met een vork gaatjes in de plakken bladerdeeg en bestrooi met suiker.
Bak het bladerdeeg in 18 Ã 20 goudbruin en gaar.
Laat het bladerdeeg afkoelen.
Giet de peren af en snijd ze in blokjes van ongeveer 1 centimeter.
Klop 500 milliliter slagroom stijf en zet apart.
Klop in 6 minuten op hoge snelheid de roompoeder en 600 milliliter water door elkaar heen.
Spatel de slagroom door de banketbakkersroom heen.
Doe de room in een spuitzak en leg de spuitzak in de koelkast.
Leg 1 plak bladerdeeg op een bord. Tip! Leg hem op een bord waar je hem op wilt serveren.
Spuit op de onderste plak bladerdeeg een laag Zwitserse room.
Verdeel de helft van de perenblokjes erover en bestrooi met kaneel.
Spuit nog een beetje Zwitserse room over de blokjes.
Verwarm een beetje ganache tot deze weer vloeibaar is en doe het in een spuitzak. Tip! Houd de ganache in de gaten, want dit gaat snel.
Spuit slierten ganache over de perenblokjes en strooi er 35 gram feuilletine overheen.
Leg de tweede plak bladerdeeg erop en herhaal: Zwitserse room, perenblokjes, kaneel, en slierten ganache.
Bedek de bovenkant van de taart met de gevulde en gedecoreerde soezen.
Zet de taart tot het serveren in de koelkast.
