Leg de kipdijfilet in de slowcooker en bestrooi met peper en zout. Kipdij blijft tijdens langzaam garen lekker mals en sappig.
Voeg de ui en knoflook toe. Deze garen langzaam mee en geven de saus een zachte, hartige basis.
Meng ketjap, sojasaus, ketchup, tomatenpuree, basterdsuiker, gember, citroensap en water in een kom. Zo krijg je een zoet-hartige saus met frisse balans.
Schenk de saus over de kip en roer alles kort door. Zorg dat de kip goed bedekt is, zodat de smaken tijdens het garen kunnen intrekken.
Zet de slowcooker op low voor ongeveer 4 uur, of tot de kip helemaal zacht is. Door de lage temperatuur wordt de kip mals zonder uit te drogen.
Haal de kip eventueel los met twee vorken of laat de stukken heel. Meng de maïzena met een beetje koud water en roer dit door de saus om hem dikker en glanzend te maken.
Laat nog 10 tot 15 minuten doorwarmen tot de saus mooi gebonden is. Serveer met atjar tjampoer voor frisheid, en eventueel met rijst of kroepoek.
