Kook de rijst volgens de aanwijzingen op de verpakking gaar. Kook de laatste 2 minuten de doperwtjes mee. Giet af, laat uitlekken en helemaal afkoelen. (Doe dit het liefst al een dag van tevoren, dat maakt de nasi nog lekkerder.)
Verhit 2 eetlepels plantaardige olie in een wok. Voeg de cavolo nero toe en wok 5 minuten. Voeg de prei toe en wok nogmaals 5 minuten. Schep de knoflook erdoor en bak 1 minuut mee.
Doe nu de afgekoelde rijst met de doperwtjes in de wok en roerbak 5 minuten mee. Voeg de sojasaus, de vissaus en het limoensap toe, schep om en laat goed heet worden.
Verhit intussen een grote antiaanbakpan op middelhoog tot hoog vuur. Giet er genoeg olie in om de bodem van de pan ruim te bedekken. Laat zo heet worden dat de olie begint te roken. Breek de eieren een voor een in een kommetje en kiep ze in een vloeiende beweging in de pan – zo krijg je met een beetje geluk mooi rond gebakken eitjes. Frituur de eitjes circa 2 minuten zonder ze om te draaien; je wilt dat de randjes van het wit lekker bruin en knapperig worden, het wit stolt maar de dooier vloeibaar blijft. Eet je je dooier liever doorbakken, draai het eitje dan nog even kort om. Werk eventueel in porties. Laat de eitjes uitlekken op wat keukenpapier.
Serveer de groene nasi verdeeld over borden met een gebakken eitje erop en sambal en gefrituurde uitjes erbij.
