Kook de spaghetti volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Rasp ondertussen de helft van de citroenschil (alleen het gele, het witte is bitter).
Meng de ricotta met een flinke snuf peper en zout.
Hak de peterselie fijn.
Prak de makreel een beetje, zodat je 'vlokken' vis krijgt.
Zodra de spaghetti gaar is, giet je m af en roer je de makreel, peterselie, citroenrasp, het sap van een halve citroen, een flinke scheut olie (liefst extra vierge olijfolie) en de ricotta erdoor.
Proef! En breng eventueel op smaak met peper, zout en/of olie.
