Marineer het vlees 24 uur voor de bereiding in een afgedekte kom in de koelkast.
Blancheer het spek door het met koud water op te zetten, aan de kook te brengen en meteen af te gieten.
Droog het vlees af en braad het met het spek in de olie en de boter aan tot het een mooie kleur heeft.
Giet de ongezeefde marinade in de pan en laat het vlees heel zachtjes sudderen tot het gaar is.
Voeg 20 minuten voor het einde van de kooktijd de uitjes toe.
Bak de champignons in wat boter in de koekenpan tot ze hun vocht verloren hebben.
Haal het vlees uit de pan.
Prak de bloem en de boter samen tot een ‘beurre manié’ en voeg die al roerend bij de saus.
Laat binden en kook nog vijf minuten door.
Doe het vlees en de champignons bij de saus en serveer.
