Klop de eieren met ½ theelepel van het kaneelpoeder en 25g suiker los. Voeg de melk toe.
Wentel de boterhammen door het melkmengsel en leg ze op een stapeltje in een diep bord. Bedruip het brood met het restje melk.
Verhit telkens een klontje van de boter in een ruime koekenpan en bak de sneetjes brood op een niet te hoog vuur aan beide kanten lichtbruin.
Bestrooi de sneetjes met de overgebleven suiker en kaneel.
