Caponata is een typisch Siciliaans gerecht, bestaande uit blokjes gefrituurde aubergine en andere groenten in een zoetzure salade - o is het een relish?! - met tintelende kappertjes, olijven, bleekselderij, soms rozijnen, lekker veel olijfolie en tomatensaus. Het voelt als zo'n gerecht dat we allemaal zouden moeten meekrijgen van iemand die iemand kent die weer iemand kent die de Siciliaanse oma kent die de lekkerste caponata van de stad maakt. ledereen zweert bij zijn eigen versie - de toevoeging van pijnboompitten, bijvoorbeeld, of de rozijnen, kaneel of kruiden -, net als wij. Die van ons is minder zoet dan ie vaak tegenkomt, en wii roosteren de auberaine liever (in plaats van die te frituren). Caponata smaakt heerlijk met burrata, maar ook met lekker zachtgekookte eieren, die vlak voor het opdienen net als burrata uit elkaar zijn getrokken en erop worden gelegd, met wat knapperig (geroosterd) brood erbij. Foto op bladzijde 88.
Van tevoren doen: De caponata kan 3 dagen van tevoren worden bereid en in de koelkast bewaard. Laat hem voor het serveren wel even op kamertemperatuur komen.
Voor 6 personen, als voorgerecht
Verhit de oven tot 220 °C.
Meng de aubergines met 2 eetlepels van de olijfolie, 1 theelepel zout en flink wat versgemalen peper op een met bakpapier beklede bakplaat.
Rooster ze circa 30 minuten, tot ze goudbruin zijn, neem ze uit de oven en zet opzij.
Schenk 75 ml van de olijfolie in een middelgrote hapjespan waarvoor je een deksel hebt zet hem op halfhoog vuur. Voeg de blokjes bleekselderij en ui toe, en bak ze 10 minuten, tot ze zacht zijn maar nog niet veel kleur hebben gekregen; schep ze af en toe om. Voeg de knoflook, oregano, chilivlokken, ¾ theelepel zout en flink wat versgemalen peper toe, en bak alles nog 2-3 minuten, regelmatig omscheppend. Doe de tomatenblokjes, tomatenpuree en honing erbij. Breng zachtjes aan de kook en bak alles met het deksel schuin op de pan circa 10 minuten op halfhoog tot laag vuur; roer af en toe door. Voeg de olijven, kappertjes, rodewijnazijn en geroosterde aubergines toe, zet het vuur laag en laat alles met het deksel schuin op de pan nog circa 20 minuten sudderen tot de groenten zacht zijn en de saus is ingedikt en aan de groenten blijft hangen; roer af en toe door. Neem de pan van het vuur, roer het basilicum erdoor en zet opzij om af te laten koelen.
Schep de caponata vlak voor het serveren in een ondiepe serveerkom.
Trek de burrata voorzichtig uit elkaar en leg de grote stukken erop.
Meng de plakjes bleekselderij met de overgebleven 2 eetlepels olijfolie, schep ze erover en strooi het opzij gehouden selderijloof en nog flink wat versgemalen peper erover. Serveer de caponata op kamer-temperatuur.
