Het uitgangspunt voor deze dip was de auberginecrème uit Flavour van Yotam en Ixta Belfrage. Met de dijonmosterd en het citroensap deed die crème ons aan een caesarsalade denken. Hier voegen we er ansjovis en parmezaan aan toe om de dip nog dichter bij het caesarsaladethema te brengen. Foto op bladzijde 89.
Van tevoren doen: De auberginecrème is 3 dagen houdbaar in de koel-kast. Tara heeft bijna altijd een portie in haar koelkast staan, om bij de meeste maaltijden te eten. Geen kipsalade is compleet zonder deze dip!
Ahornsiroop-mosterdcroutons
Voor erbij
Verhit een geribbelde grillpan tot hij heel heet is, leg de aubergines erin en gril ze circa 45 minuten. Keer ze steeds, zodat ze rondom volledig geblakerd worden en inzakken. Leg ze in een vergiet en zet opzij. Leg de bosuitjes in de pan en gril ze een paar minuten, tot ze hier en daar geschroeid zijn. Hak ze grof en leg opzij. Meng tot slot in een kleine kom de padrón-pepers met 1 theelepel olie, een snuf zout en een paar draaien peper. Leg ze in de grillpan en gril ze 3-4 minuten, tot ze geschroeid en hier en daar gebladderd zijn. Leg opzij.
Haal als de aubergines voldoende zijn afgekoeld en je ze kunt vastpakken de schil eraf, gooi weg en laat het vruchtvlees circa 20 minuten uitlekken: je moet zo'n 130 gram overhouden. Leg opzij.
Schenk intussen de overgebleven olijfolie in een kleine koekenpan, voeg de knoflook, ansjovis en citroenrepen toe, en zet de pan op halfhoog vuur. Draai zodra de olie tegen de kook aan komt het vuur halfhoog tot laag en laat circa 12 minuten doorkoken, tot de knoflook en citroen zacht zijn. Neem de pan van het vuur en zet opzij om te laten afkoelen.
Verhit de oven tot 160 °C.
Leg de stukken brood op een met bakpapier beklede bakplaat. Klop de olijfolie, mosterd en ahornsiroop door elkaar en schenk dit over het brood. Bestrooi met het sesamzaad, ¼ theelepel zout en flink wat gemalen peper, en schep goed om. Bak het brood circa 25 minuten en schep één of twee keer om, tot het goudbruin en krokant is. Zet opzij.
Leg de uitgelekte aubergine samen met de bosuitjes, yoghurt, mosterd, 25 gram van de parmezaan, het citroensap, ½ theelepel zout en flink wat gemalen peper in de kleine kom van een keukenmachine. Schenk de knoflook-ansjovis-citroenolie erbij (met de repen citroenschil) en maal alles glad. Schep in een kom en zet tot gebruik in de koelkast.
Leg de croutons, padrón-pepers, radijsjes en slablaadjes op een grote schaal en serveer ze met de dip. De overgebleven parmezaan kan in een klein kommetje worden opgediend om de rauwe groenten een tweede 'sneeuwachtig' laagje te geven of kan over de dip worden gestrooid.